In het meerjarenplan moeten concrete klimaatacties worden opgenomen. Over de uitvoering ervan zou het bestuur om de zes maanden moeten rapporteren  aan de gemeenteraad. Dit stelde CD&V-fractieleider Marc Van den Brande in de gemeenteraad van 18 oktober. Volgens Van den Brande is dit nodig om zeker te zijn dat Kontich haar verplichtingen nakomt.  De burgemeester verklaarde zich akkoord met de vraag van de CD&V.

Op de gemeenteraad van 18 oktober stond de beleidsopvolging geagendeerd. Het betreft een zesmaandelijkse rapportering van het schepencollege over de uitvoering van het meerjarenplan. Op zich is dit een zeer goed instrument voor de gemeenteraadsleden om de uitvoering van het beleid op te volgen.   Het meerjarenplan is echter opgesteld bij aanvang van de legislatuur. De deelname  van Kontich aan het lokaal Energie- en Klimaatpact is echter maar op de vorige gemeenteraad goedgekeurd, mede door CD&V. Voor de CD&V is deze ondertekening een resultaatsverbintenis en geen middelenverbintenis. Om zeker te zijn dat er stappen zouden worden gezet in het behalen van de doelstellingen, zou dit mee moeten worden opgenomen in de beleidsrapportering, aldus Marc Van den Brande. 

Het Lokaal Energie- en Klimaatpact omvat vier werven: vergroening, energie, mobiliteit en regenwater. Het bevat concrete doelstellingen. Zo moet elke gemeente een gemiddelde jaarlijkse primaire energiebesparing van minstens 2,09% realiseren in hun eigen gebouwen. De CO2-uitstoot van de eigen gebouwen en technische infrastructuur moet in 2030 met 40% gereduceerd worden ten opzichte van 2015. Tegen ten laatste 2030 moet de openbare verlichting volledig verLED zijn.